Donderdag 9 december j.l. werd er in wijkcentrum Meerzicht een lezing gegeven over het gedrag van de koolmees in de stad door Wouter Halfwerk. Wouter is wetenschapper, verbonden aan de Leidse Universiteit. Samen met een grote groep mede-wetenschappers van het instituut Biologie doet hij al 3 jaar onderzoek naar hoe koolmezen zich aanpassen aan nieuwe habitats. Zo wordt er o.a. gekeken naar de akoestische communicatie. Hoe zijn die geluiden en hoe ontstaan de manieren van geluid produceren? Zelfs dieren waarvan je het niet verwacht maken geluid. Zo maakt een spin geluid met de haartjes op zijn poten, een vlinder door wind die langs de haartjes op de vleugels strijkt en een haring maakt geluid door lucht te persen door zijn anus.

 

Foto Marcel van der Tol

Terug naar de koolmees. Bij de koolmeesman is zang belangrijk voor de voortplanting, dus het voor zich winnen van vrouwtjes en het wegjagen van concurrerende mannetjes. Omdat er in de stad zoveel geluiden zijn, past hij zijn zang aan. Dit doet hij o.a. door harder en hoger te zingen, te wachten op stiltes, dichterbij te zingen en te herhalen. Ria vroeg of de koolmees ook met de wind mee zingt. Dat vond Wouter een hele goede vraag, maar hij had er (nog) geen pasklaar antwoord op.

De onderzoeksvraag is: gaat hij harder en hoger zingen door het lawaai of omdat er meer licht en/of meer voedsel is in de stad? Door heel Europa wordt hier onderzoek naar gedaan in grote steden als Brussel, Parijs, Londen, Praag enzovoorts. Vooralsnog weet men nog niet of dit de oorzaken zijn. Wél is duidelijk geworden dat de koolmees gebruik maakt van zijn grote repertoire. Zo wisselen ze vaker van liedje bij meer lawaai.

De groep heeft een experiment gedaan op de Veluwe. Vlakbij de snelweg, waar ook nog een trein langs reed, zijn zo’n 200 nestkasten voor koolmezen geplaatst. Op 50 meter van de snelweg, waar nog een behoorlijk lawaai was, werd al gebroed. Het viel wel op dat er gemiddeld 1 ei minder werd gelegd per seizoen.

Het onderzoek is nog niet ten einde, er staat 4 jaar voor gepland, aldus Wouter Halfwerk. We hopen van harte dat Wouter ons, na beëindigen van het onderzoek, de eindconclusie nog zal laten weten.

 

Yvette Rensen